auteur: Fien Van den Steen - bron: IPS - foto: Pixabay

Twee jaar geleden werd Quito door haar inwoners uitgeroepen tot meest duurzame stad van Ecuador. In dezelfde wedstrijd eindigde de hoofdstad tussen de zeventien meest duurzame steden ter wereld. Volgens organisatie WWF een aanmoedigingsprijs voor de wil tot verandering, al blijft duurzaamheid een complex thema in een land dat afhankelijk is van haar olieproductie.

“Er zijn volgens mij geen duurzame steden”, zegt de verantwoordelijke van de afdeling Milieu van Quito, Victoria Arias. “Wel zijn er steden op weg naar duurzaamheid, zoals wij.”

Waarom werd de hoofdstad van Ecuador dan gehuldigd voor haar duurzaamheid? “Omdat het Quiteense stadsbestuur belangrijke stappen vooruit gezet heeft”, zegt Hugo Arnal, directeur van WWF Ecuador. “De stad onderneemt acties, concreet en op korte termijn.”

Bovendien zoekt Quito bewust de samenwerking met andere steden op, en neemt ze hierin een leidende positie in. Quito neemt deel aan internationale stedennetwerken, waarin ook Belgische steden actief zijn, zoals ICLEI, de C40, en het Globale Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie. Victoria Arias werd zelfs verkozen tot een van ‘s werelds 50 meest invloedrijke vrouwen inzake klimaatverandering.

Burgerparticipatie

Volgens Arnal zijn er weinig Latijns-Amerikaanse steden die duurzaamheid zo serieus nemen als Quito. Toch is er een duidelijke tendens de laatste jaren in de regio om het thema hoger op de agenda te zetten. Verschillende steden hebben ondertussen belangrijke stappen gezet.

Als politieke wil een eerste stap is, dan is de uitvoering doorslaggevend, en dat kan niet zonder de burgers. “Hun participatie is de sleutel”, zegt Arias. Educatie is een van de manieren, en niet alleen op school. Al drie jaar werkt het stadsbestuur samen met scholen, wijkwerkingen en zelfs op de markten waar het gros van het sociaal leven zich afspeelt. “Niet met grote projecten, want die zijn duur en niet effectief, maar met de burgers zelf”, benadrukt Arias.

Constantheid is daarbij haar codewoord. “We willen een gewoonte creëren, want de mensen beschikken wel over de kennis [in thema’s zoals recyclage en duurzaamheid] maar zetten die niet om in praktijk.” Toch is er volgens Arias al meer bewustzijn dan voordien, wat ook opvalt in de straten van Quito die beduidend minder vervuild zijn dan andere steden in het land.

De noodzaak van educatie en bewustzijn benadrukt ook Hugo Arnal. Hoewel de Quitenen al een uitzonderlijk hoog milieubewustzijn hebben, op globaal niveau. Een verklaring hiervoor heeft hij niet meteen, de uitzonderlijke biologische rijkdom kan een factor zijn.

Eco-toerisme

Die rijke biodiversiteit is niet alleen binnen het land, maar ook daarbuiten berucht en heeft van Ecuador wereldwijd een toeristische trekpleister gemaakt. Om dat natuurlijke erfgoed voor de toekomst te garanderen, is werken rond duurzaamheid een noodzaak.

Zoals onder meer op de Galapagoseilanden, die jaarlijks overspoeld worden door toerisme uit de hele wereld. “Dubieus”, zegt Arnal. “Zo werken we daar aan projecten rond hernieuwbare energie en recyclage, maar de vliegtuigen die op en af vliegen vergroten met al hun wegwerpmateriaal wel de afvalberg.”

Ook de hoofdstad Quito beschikt over een uitzonderlijk rijke fauna en flora. “90 procent van de biodiversiteit in Quito is uniek”, zegt Victoria Arias. In het centrum wordt de meest toeristische wijk, Mariscal, als pilootproject omgevormd tot ecologische wijk. Fietsdeelstations, afvalstraatjes, opengewerkte en groene publieke ruimtes, verzorgde parken: het moet de Quiteen en de toerist met de basisprincipes van ‘Visie 2040’, het politieke plan dat van Quito tegen 2040 een duurzame stad moet maken, laten kennismaken.

Een van de principes is recyclage. Bijna letterlijk op elke hoek van de straat zijn er afvalverzamelpunten opgesteld. Gevaarlijk afval heeft een speciaal collectiepunt. “Al ontbreekt er nog veel, toch zijn we op weg”, zegt Arias. “Hetzelfde geldt voor waterbeheer. Er is wel een waterzuiveringsinstallatie in het zuiden van de stad, maar in het noorden en in het centrum zou er ook een moeten komen. “Die kost is echter ontzettend hoog.”

De schaduwzijde

Dat er nog een lange weg te gaan is, benadrukt ook Hugo Arnal. Vooral het publiek transport dat op diesel rijdt – diesel die niet eens voldoet aan de Europese normen – werpt een schaduwzijde op de stad. Duurzaamheid is een complex thema in een land dat economisch afhankelijk is van haar olieproductie, zoals Ecuador.

Toch wil de stad tegen 2020 een zero-emissie zone maken van het historisch stadscentrum, dat door Unesco is uitgeroepen tot werelderfgoed en een belangrijke toeristische trekpleister is. In het oude stadscentrum zou het openbaar vervoer, inclusief de huidige hybride trolleybussen, volledig elektrisch moeten rijden tegen 2020. Diesel- en benzinewagens zullen er gebannen worden.

Arias droomt zelfs van elektrische taxi’s. “We weten al waar we de oplaadstations zullen installeren”, zegt ze enthousiast, ook al beseft ze dat het een werk van lange adem zal worden, met een hoge kostprijs, dat niet meteen voor morgen zal zijn. Zoals de metro die al in 2016 actief had moeten zijn, maar vandaag nog steeds onder constructie is.

Transitie

“Niet alle problemen zijn opgelost”, vat Hugo Arnal het samen. “De transitie van een olie-economie naar een zonder fossiele brandstoffen is economisch en politiek uiterst complex. Dat zal niet op korte termijn voltrokken kunnen worden.”

Ondertussen werkt de stad verder aan bewustwording en participatie van de burgers. Zo ondertekende de Ecuadoriaanse president Lenín Moreno vorige week de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties en liep tot vandaag de Week van de Duurzaamheid in Quito. Ook worden er wekelijks enkele straten afgesloten voor gemotoriseerd verkeer en omgetoverd tot fiets-o-strades. “We blijven in beweging”, concludeert Arias.

Auteur: Fien Van den Steen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here