bron en foto: Universiteit Antwerpen

Onderzoekers van de Universiteiten van Antwerpen, Perugia en Delft onderzochten minutieus De Zonnebloemen van Vincent Van Gogh. Ze focusten – met een nieuwe technologie – op het geel dat de kunstschilder gebruikte. Zo konden ze achterhalen dat sommige delen van het werk veel gevoeliger zijn voor kleurverandering onder invloed van licht en vochtigheid.

De Zonnebloemen behoort tot de collectie van het Van Gogh Museum in Amsterdam. Van Gogh schilderde dit werk, een compositie van vooral gele tinten met enkele oranje en blauwe accenten, in 1889 in de Provence. Wetenschappers van drie universiteiten namen het werk uitgebreid onder de loep, met een nieuwe technologie. Het toptijdschrift Angewandte Chemie publiceert de resultaten van de studie.

“We ontwikkelden een nieuwe niet-destructieve beeldvormende methode, gebaseerd op röntgendiffractie”, vertelt Frederik Vanmeert, onderzoeker op UAntwerpen en hoofdauteur van de studie. “Deze methode (Macro X-straal poederdiffractie scanning) laat ons toe om alle kristallijne verfpigmenten met grote zekerheid te identificeren.’

In De Zonnebloemen, waar bijna overal het pigment chroomgeel gebruikt werd, stelden de onderzoekers vast dat er in de warm-gele gebieden een chemisch heel stabiele vorm van chroomgeel gebruikt werd. Hiervan kan worden verwacht dat die de komende decennia probleemloos zijn oorspronkelijke kleur zullen behouden.

Jaune citron

Maar in de lichter gekleurde delen van de bloemblaadjes en in de (lichtgele) achtergrond van de compositie gebruikte Van Gogh het zogenaamde ‘jaune citron’. Die kleur vertoont veel sneller de neiging om te gaan verdonkeren onder invloed van licht en vochtigheid.

“Bij dit verouderingsproces, dat we eerder in het laboratorium (versneld) konden nabootsen, vormt er zich bovenop de heldergele verf een onaantrekkelijke bruin-olijfkleurige toplaag,” legt dr. Letizia Monico (Perugia) uit. Van Gogh gebruikte de lichtgevoelige chroomgeel variant ook in diverse mengsels met donkere pigmenten om de uitgebloeide bloemhoofden te schilderen. Dr. Geert Van der Snickt, conservatiewetenschapper van UAntwerpen: “Het zijn net deze gebieden die in de toekomst nader moeten opgevolgd worden voor wat betreft spontaan optredende kleurveranderingen.”

Risico inschatten

“De nieuwe scanningmethode laat voor het eerst toe om gebieden in een schilderij met een lager en hoger risico op kleurverandering te identificeren”, stelt prof. Koen Janssens (UAntwerpen). “Dit kan bijzonder nuttig zijn bij werken van vele kunstenaars.” Naast De Zonnebloemen werd deze nieuwe methode recent ook gebruikt om zeventiende-eeuwse werken van Rembrandt zoals Maarten en Oopjen en van Vermeer zoals Het meisje met de parel te bestuderen.

“Ons onderzoek geeft nieuwe diagnostische informatie die van wezenlijk belang is voor de restauratie en conservering van kunstwerken, waaronder Van Gogh’s Zonnebloemen”, besluit prof. Joris Dik (TU Delft).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here