auteur: Thalif Deen - bron: IPS - foto: Pixabay

Canada zet als voorzitter van de G7 zwaar in op vrouwenrechten. “Samen zullen we ervoor zorgen dat de stem van meisjes en vrouwen gehoord wordt bij beslissingen over onderwijs en tewerkstelling”, zegt minister van Internationale Ontwikkeling Marie-Claude Bibeau in een gesprek met IPS.

Canada is de vijfde grootste donor van de ontwikkelingsagentschappen van de Verenigde Naties (VN), het land is momenteel voorzitter van de G7 – de groep van zeven grote industriële staten en de Europese Unie. Het land ambieert ook een zetel in de Veiligheidsraad in 2021-22.

Canada was verder gastheer voor de zevende International Parliamentarians’ Conference (ICPI), een bijeenkomst over bevolking en ontwikkeling die vorige week plaatsvond in Ottawa, en het land kende ook de lancering van de Feminist International Assistance Policy (FIAP).

Vrouwenrechtenorganisaties spraken naar aanleiding hiervan over Canada als het land dat “zich herpositioneert als leider op het vlak van gendergelijkheid, vrouwenrechten en seksuele en reproductieve rechten.”

Meer ontwikkelingssteun

Voortrekker in de strijd voor vrouwenrechten en gendergelijkheid is Marie-Claude Bibeau, de Canadese minister van Internationale Ontwikkeling, die onder meer een grote voorstander is van meer ontwikkelingssteun.

Ze zegt dat evenementen zoals het IPCI een sterke katalysator kunnen zijn om mensen, ideeën en steun te mobiliseren.

“Dat is waarom het IPCI zo belangrijk is – het geeft parlementairen van over de hele wereld een unieke kans om hun leiderschap inzake het verwezenlijken van universele seksuele en reproductieve rechten waar te maken”, zegt ze. Volgens de minister zal Canada erop toezien dat deze doelen zoals die bijna een kwarteeuw geleden, in 1994, werden aangenomen op de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling (ICPD), gehaald worden.”

“Ik ben trots dat sinds de lancering van de Feminist International Assistance Policy in juni vorig jaar, 93 procent van onze humanitaire hulp een component bevat die rechtstreeks gelinkt is aan de versterking van vrouwen in hun rechten.

“In 2019 leiden wij de Women Deliver Conference, dat niet louter een bijeenkomst zal zijn maar een heuse beweging om vrouwen en meisjes te empoweren en zo een betere wereld te bouwen”, voegt ze daaraan toe.

Palestijnse vluchtelingen

IPS: Canada is vandaag de vijfde grootste donor van het VN-systeem. Er zijn de drastische besnoeiingen van de Verenigde Staten – 300 miljoen dollar voor het Vluchtelingenagentschap UNRWA en 69 miljoen dollar voor het Bevolkingsfonds UNFPA. Is er een mogelijkheid dat Canada die leemte opvult samen met andere westerse donoren?

Marie-Claude Bibeau: “Canada is een engagement aangegaan om humanitaire steun te geven en tegemoet te komen aan de noden van de meest kwetsbare mensen ter wereld. Daarom was ik zo trots om op 12 oktober te kunnen aankondigen dat we 50 miljoen dollar steun schenken aan Palestijnse vluchtelingen via het UNRWA.

“Dit geld is dringend nodig om het leven van miljoenen Palestijnse vluchtelingen te verbeteren en hun waardigheid te beschermen.

“Canada is ook een trouwe partner van het VN-Bevolkingsfonds en zit in de top-tien van de grootste donoren. Canada voorzag in 142 miljoen dollar steungeld  voor internationale hulp in 2017-18. Dit was onder meer om de kloof die ontstaan is, mee te helpen dichten.”

De ontwikkelde landen, en met name de 134 leden van de G77, klagen over een gebrek aan steun en een neerwaartse trend en versnippering van officiële ontwikkelingshulp (ODA). Geldt dat ook voor Canada, wiens ODA van 0,26 procent van het bruto nationaal inkomen onder het afgesproken streefdoel van 0,7 procent zit?

“Onze partners hebben de regering om drie dingen gevraagd: steun, goed beleid en leiderschap. Dat is waar Canada op inzet.”

2 miljard dollar

De 0,7 procent wordt enkel gehaald door zes westerse donoren: Noorwegen, Luxemburg, Zweden, Denemarken, Duitsland en Groot-Brittannië. Wanneer zal Canada de 0,7-doelstelling halen?

“Het budget voor 2018 voorzag in 2 miljard dollar aan nieuwe fondsen voor de komende vijf jaar voor de implementering van de Feminist International Assistance Policy en de steun voor de 2030-agenda voor Duurzame Ontwikkeling. Ook werd er 1,5 miljard dollar vrijgemaakt voor de uitbreiding van internationale hulp.

“Maar Canada neemt ook een leidersrol aan voor goed beleid, iets dat niet wordt meegerekend in het ODA-volume. Het bepaalt echter wel de kwaliteit van de steun en de bijdrage van innovatieve maatregelen die het leven van de armsten en meest kwetsbaren verbetert.

“En, zoals de historische investering in onderwijs voor vrouwen en meisjes in crisis- en conflictsituaties tijdens de G7-top in Quebec aantoont, wil Canada een momentum creëren voor bepaalde initiatieven en zo andere landen en partners aanzetten om te volgen en significante investeringen te doen om meisjes en vrouwen via onderwijs te ondersteunen.”

Kwaliteitsonderwijs

Huidig G7-president premier Justin Trudeau sprak in juni van dit jaar het engagement uit voor een forse 3,8 miljard Canadese dollar (CAD) voor onderwijs voor meisjes en vrouwen in ‘s werelds gevechtszones. Wat is de tijdspanne voor het uitbetalen van deze fondsen? Is er al iets van de grond gekomen?

“Canada was fier om deze historische aankondiging te kunnen doen en om zich te engageren voor een investering van 400 miljoen dollar over drie jaar.

“De aankondiging markeerde een fundamentele verandering in de richting van verbeterde toegang tot kwaliteitsonderwijs wereldwijd. We werken op dit moment samen met de andere landen en organisaties zoals de Europese Unie, Duitsland, Japan, Groot-Brittannië en de Wereldbank om die investering van 3,8 miljard te realiseren. Parameters zoals een tijdsspanne en andere indicatoren worden ingebouwd.

“Samen zullen we ervoor zorgen dat de stem van meisjes en vrouwen gehoord wordt bij beslissingen over onderwijs en tewerkstelling.”

 

 

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here